#Road to Amsterdam: Race tegen de klok

Al de hele week fiets ik door de stad langs vlaggen en zie ik trams rijden van de Amsterdam Marathon. Het geeft me kriebels, maar ook zenuwen. Van de ene kant heb ik er heel veel zin in en voelt het toch wel anders nu Amsterdam een klein beetje ‘mijn’ stad is geworden. Aan de andere kant raak ik een beetje gestresst. Nu moet het gebeuren, hier heb ik al die tijd naartoe gewerkt. Hier moet en zal ik onder die 2 uur gaan lopen. Maar precies dat maakt me ook nerveus. Mijn voorbereiding was alles behalve ideaal, en met de complete verzuring van Disney nog vers in mijn geheugen weet ik niet meer zo goed wat ik nu eigenlijk moet gaan doen zondag.

Ik besef heel goed dat we bij een tijd onder de 2 uur niet bepaald spreken van een toptijd. Bij mijn eerste marathon vorig jaar was dat ook mijn doel, maar een flinke griep gooide roet in het eten. Dáár had ik wel goed getraind, en ondanks het gat dat die week in bed maakte in mijn conditie liep ik daar best lekker. Ik lag goed op schema voor een tijd onder de 2 uur tot ik in de tweede helft, zo rond het 15 kilometer punt, kapot begon te gaan. Benen verzuurden, misselijkheid trad aan en mijn snelheid verdween als sneeuw voor de zon. Al vrij snel liet ik mijn tijdsdoel varen en ging ik voor uitlopen. Met een tijd van 2:06:46 was ik allesbehalve tevreden, maar ik wist dat ik er echt alles aan gedaan had. De volgende keer zou ik wél fit aan de start staan.

Toen kwamen de maanden van blessures en was de eerstvolgende halve marathon die op de planning stond opeens de halve marathon van Amsterdam. Disney kwam later ook nog tussendoor, maar dat zou mijn lange duurloop voor Amsterdam worden. Geen tijd, gewoon genieten en mijn best doen. En ook in Disney stond ik aan de start met knikkende knietjes. Sinds afgelopen vakantie had ik nog maar een paar weken over gehad, en ik liep dan ook flink achter op mijn trainingsschema. Een duurloop van 12 en van 16 km waren dan ook de enige echte lange duurlopen ter voorbereiding. En ondanks dat die laatste 16 hartstikke lekker ging wist ik dat dat een magere voorbereiding was.

Toen in Disney het 15 kilometer punt kwam en we een lang stuk vals plat liepen, begon de verkramping dan ook gigantisch op te treden. Ik moest bikkelen naar de finish en kon mijn benen niet meer vooruit krijgen. Ook hier was al mijn snelheid verdwenen, en was het enige doel uitlopen. Mijn tijd van 2:11:00 nam ik dan ook niet te serieus en legde ik vrij snel naast me neer. Amsterdam zou mijn moment worden.

Processed with VSCO with f2 preset
Maar de eerste week na Disney begon ik langzaam te beseffen dat ik in die laatste 2 weken geen grote veranderingen in mijn snelheid kon bereiken. Ik deed één tempo loop van 6 km, één lange duurloop met Maartje van 15 km die ik aardig lekker liep en één intervaltraining van 40 minuten die ontzettend goed ging. Normaal gesproken ga ik hier behoorlijk dood en ben ik compleet kapot op het einde, maar mijn 6 sets van 3 minuten gingen zo snel en makkelijk voorbij dat ik op het einde ook nog maar wat helling toevoegde op de loopband.

En toen was er nog één training over die ik per se wilde doen: 50 minuten met 5 keer 1 minuut versnellen. Al sinds afgelopen zondag stond hij op de planning, maar mijn tentamens kregen voorrang en dus ging ik vanmiddag pas de deur uit. Ik liep snel. Sneller dan de bedoeling was. Ik voelde mijn hartslag omhoog gaan, voelde dat dit niet een tempo was dat ik kilometers lang kon volhouden maar het lukte me niet om langzamer te gaan lopen. Ik kan dit. Ik kan sneller. Ik móét sneller. En ik liep lekker, mijn benen voelden goed en mijn tempo bleef constant. Lange tijd liep ik met een pace rond de 5’25 en gooide ik er om de zoveel kilometer een versnelling in van een minuut.

Toen ik de 50 minuten had gehaald zag ik dat ik op 9,25 kilometer zat en ik besloot opeens een versnelling in te zetten naar de 10 km zodat ik een nieuw PR zou lopen. De meeste mensen zouden dit niet bepaald aanraden in de laatste rustweek voor de wedstrijd, maar ik moest mezelf even bewijzen. En dat deed ik, want ik verbrak zowaar mijn PR op de 10 KM van twee jaar geleden.

Ik dacht de hele weg aan mijn plan voor zondag. Zal ik überhaupt een streeftempo aanhouden of raak ik dan alleen maar gefrustreerd als het me niet lukt om het vol te houden? Zal ik achter de pacers van 2 uur aan lopen? Ik moet mijn tempo zo rustig mogelijk zien te houden om die verzuring in het einde te voorkomen. Misschien vraag ik te veel van mezelf om voor die 2 uur te gaan, maar aan de andere kant is dat precies de uitdaging. En nogmaals: onder de 2 uur is geen topprestatie Pim, dat moet toch haalbaar zijn? Je kunt altijd meer dan je denkt.

Toen ik mijn schoenen uittrok besloot ik dat ik geen plan maak. Ik laat alle scenario’s open en laat het zondag maar gebeuren. Dat doel staat nog steeds. Maar een nieuw PR an zich zou ook al een vooruitgang zijn. En dat PR? Dat komt er wel een keer. Ik heb er deze week in ieder geval al eentje gelopen.

Wie staat er zondag nog meer aan de start van de halve (of hele!!) van Amsterdam? Heb jij een streeftijd in gedachten? See you there!

Liefs,

Pim 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s